Entertainment

Schuldgevoel aan de kassa

Retail-Marketing

Vier, dat is het aantal mensen die voor mij staan aan de kassa van het grootwarenhuis. Mijn winkelkar bevat de ingrediënten van wat een geslaagde barbecue zou moeten worden. Het is een zomerse dag maar in de winkel beklaag ik het me geen pull bij te hebben. Moet die airco zo hard staan, denk ik terwijl ik weer niet aan de verleiding kan weerstaan en een snoepreep uit de rekken haal.

De vrouw voor mij heeft net een aardbeientaart en twee latten Côte d’Or chocolade – serieus het is buiten 24 graden, wie heeft daar nou zin in – richting de kassierster gezonden door ze op de lopende band te leggen. Uit de daarvoor voorziene gleuf haalt ze zo’n ‘volgende klant’ bordje, het instrument bij uitstek om haar goederen te beschermen en een potentiële de- kassierster-rekent-iets-aan-dat-niet-van-haar-is-ramp te voorkomen. Ze plaatst het bordje op een centimeter afstand van haar gebak en geeft mij op die manier het signaal dat het toegelaten is om ook mijn aankopen uit te stallen.

Mijn volmondige ik-ben-blij-dat-het-weekend-is-en-dat-de-zon-schijnt- hallo wordt met een ik-haat-het-dat-ik-in-het-weekend-moet-werken-terwijl-de-zonschijnt-knikje beantwoord. De kassierster is niet in haar opperste bui vandaag, zoveel is duidelijk. Op het schermpje volg ik de opeenstapeling van kleine uppercuts voor mijn bankrekening. Het gepiep van de scanner doorbreekt de wat anders een ijzige en pijnlijke stilte zou zijn.

“Zegeltjes voor de spaaractie meneer?” Haar stem is zwaar en mannelijk alsof ze inwendig een snor heeft groeien. “Neen, hoeft niet”. De 60-plusser achter mij fluistert iets in het oor van haar echtgenoot. Hij knikt afkeurend. ‘Alé, een spaaractie is te min misschien voor meneer?’ ‘Meneer heeft geld genoeg zeker?’. Twee tellen lang kijkt de kassierster mij aan. ‘Snob’

Overvallen van schuldgevoel stap ik de winkel uit. Ik voel mij vies. Een gevoel dat ik ook heb wanneer ik niet in ga op de vraag van de geëngageerde WWF’ers of ik een tijger wil adopteren. “Als het beestje af en toe eens bij mij mag komen logeren, dan doe ik het!”, zeg ik dan altijd. Waarna ze zich vaak snel tot een ander potentieel slachtoffer richten. Spaaracties en bonnetjes, ik doe er dus niets mee. Waarom zou ik mij dan ook in godsnaam schuldig moeten voelen omdat ik geen zin heb om mijn portefeuille vol te proppen met spaarpunten tot wanneer ze de status van vintage gekregen hebben. Maar toch, het gevoel is er.

Twee dagen later. Dezelfde winkel, diezelfde kassierster. Een groot wit brood gesneden, wat charcuterie, groenten en een flesje Cola light, meer dan dat is het niet. De drang naar snoep of chocolade kan ik weerstaan. Ik sta sterk in mijn schoenen vandaag en dat zullen ze geweten hebben. In mijn portefeuille is sinds het debacle van vorige week een vakje gereserveerd voor zegeltjes. We gaan er voor.

Het is duidelijk dat meedingen voor werkneemster van de maand nog steeds niet één van haar ambities is. Lachen zit er ook vandaag niet in, maar die verwachting had ik ook niet. “11,95 euro alsjeblieft”, zegt ze alsof het haar laatste adem is. Terwijl ik mijn bankkaart inbreng, kom ik tot de constatatie dat ze mij deze keer geen zegeltjes geeft. Herkent ze mij misschien nog van vorige keer? De verwarring is compleet, het zweet breekt mij uit. Hoe dan ook, nu zal ze mij niet liggen hebben. Niet twijfelen. Ik ga er vol voor. Al is het maar om die zeldzame glimlach van haar te mogen aanschouwen.

“Kan het zijn dat u mij de zegeltjes vergeten geven bent?”, vraag ik met volle overgave. “Juist”. Ze kijkt mij aan. Één seconde, twee seconden, drie seconden. Die blik. ‘Gierigaard!’.

Klik om te reageren

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Top